Initiatieven van beschut wonen

Erkenning van initiatieven voor beschut wonen

Onder initiatief voor beschut wonen (IBW) wordt verstaan het huisvesten en begeleiden van personen die geen voltijdse ziekenhuisbehandeling vereisen en die om psychiatrische redenen in hun leef- en woonmilieu geholpen moeten worden. Het doel is dat ze sociale vaardigheden kunnen verwerven door de organisatie van aangepaste dagactiviteiten.

Het verblijf in een IBW is slechts verantwoord voor zover de betrokkene nog niet volledig in het maatschappelijk leven kan worden gere-integreerd.

Voorwaarden?

Het initiatief voor beschut wonen dient uit te gaan van een daartoe erkend samenwerkingsverband van psychiatrische instellingen en diensten, zoals bedoeld in hoofdstuk II van het koninklijk besluit van 10 juli 1990 houdende vaststelling van de normen voor erkenning van samenwerkingsverbanden van psychiatrische instellingen en diensten.

De Diensten van het Verenigd College (de administratie) van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) zijn bevoegd voor de vaststelling van de normen en de erkenning van initiatieven voor beschut wonen. Iriscare, een instelling van openbaar nut van de GGC, is verantwoordelijk voor de financiering en de erkenning van samenwerkingsverbanden van psychiatrische instellingen.

De erkenningsvoorwaarden zijn verduidelijkt in het koninklijk besluit van 10 juli 1990 houdende vaststelling van de normen voor de erkenning van initiatieven van beschut wonen ten behoeve van psychiatrische patiënten.

Hoe dien je een aanvraag in?

Het aanvraagdossier moet de volgende documenten bevatten:

  1. de specifieke vergunning tot ingebruikneming en exploitatie van het IBW;
  2. de naam van de beheerder en de directeur van de instelling en hun handtekening;
  3. de lijst van het verzorgend en paramedisch personeel met naam, kwalificatie en inschrijvingsnummer;
  4. in voorkomend geval een plan van de inrichting, de bestemming van de lokalen en het aantal bedden in de kamers bestemd voor de bewoners;
  5. in voorkomend geval een kopie van de overeenkomst gesloten tussen het IBW waarvoor de erkenning of de erkenning van een dienst wordt gevraagd en de instellingen waarmee een functionele verbinding gegarandeerd moet worden overeenkomstig de geldende erkenningsnormen;
  6. in voorkomend geval een brandveiligheidsattest op basis van een verslag van de bevoegde dienst, behoorlijk ondertekend en gedateerd door de burgemeester van de gemeente waar de inrichting is gelegen. Het attest en het verslag mogen niet ouder zijn dan een jaar op het ogenblik van de indiening van de aanvraag.

Stuur deze aanvraag per post naar:

Diensten van het Verenigd College

Directie Gezondheid en Bijstand aan Personen

Belliardstraat 71 bus 1

1040 Brussel

Als in de loop van de erkenningsperiode wijzigingen worden aangebracht aan de gegevens van de instelling die geleid hebben tot de (verlenging van de) erkenning, moeten deze onmiddellijk aan de administratie worden meegedeeld.

Hoe verloopt de procedure?

Voorlopige erkenning

De administratie bevestigt de ontvangst van het dossier en geeft zo nodig aan welke documenten ontbreken ter ondersteuning van de aanvraag van de voorlopige erkenning.

Als het dossier volledig is en de dienst kan werken in omstandigheden die verenigbaar zijn met de vereiste normen, wordt een voorlopige erkenning afgegeven. Deze heeft uitwerking met ingang van de datum van de aanvraag. In het tegenovergestelde geval wordt de voorlopige erkenning geweigerd.

De voorlopige erkenning heeft een geldigheidsduur van zes maanden en kan onbeperkt hernieuwd worden.

Erkenning

Tijdens de duur van de voorlopige erkenning gaat de administratie na of het IBW werkt overeenkomstig de vereiste normen. Er wordt een verslag opgesteld en naar de instelling verstuurd, die vanaf de ontvangst van het verslag vijftien dagen de tijd heeft om haar opmerkingen te kennen te geven.

Vervolgens wordt de erkenningsaanvraag van het IBW voorgelegd aan de Adviesraad, samen met:

  • het verslag dat werd opgesteld tijdens de voorlopige erkenning van de instelling en de eventuele opmerkingen van de instelling;
  • het erkenningsaanvraagdossier van het IBW.

Hij brengt zijn advies over de erkenningsaanvraag uit en bezorgt het aan de instelling, die over een termijn van vijftien dagen beschikt om haar opmerkingen te kennen te geven.

Het Verenigd College doet uitspraak over de erkenningsaanvraag. De beslissing vermeldt het aantal bedden en de locatie.

De erkenning wordt verleend voor een periode van maximaal zes jaar, die kan worden verlengd.

In geval van een vrijwillige sluiting van een instelling of een dienst deelt de beheerder deze beslissing ten minste drie maanden vóór de beoogde sluitingsdatum mee aan de leden van het Verenigd College, bevoegd voor het gezondheidsbeleid, en aan de administratie.

Verlenging van erkenning

Uiterlijk drie maanden voor de geldigheidsperiode van de erkenning verstrijkt, stuurt de administratie naar de beheerder van het IBW een vragenlijst om de erkenning te verlengen. Deze vragenlijst moet, behoorlijk ingevuld en ondertekend, binnen dertig dagen na ontvangst teruggestuurd worden, samen met de volgende documenten:

  1. de naam van de beheerder en de directeur van de instelling en hun handtekening;
  2. als er wijzigingen werden aangebracht:
    • de lijst van het verzorgend en paramedisch personeel met naam, kwalificatie en inschrijvingsnummer;
    • een plan van de inrichting, de bestemming van de lokalen en het aantal bedden in de kamers bestemd voor de bewoners;
  3. een nieuw brandveiligheidsattest wanneer het vorige attest meer dan zes jaar geleden werd opgesteld of wanneer er aan de gebouwen of uitrustingen veranderingen werden aangebracht die de veiligheid in de instelling kunnen bedreigen.

Wanneer aan deze voorwaarden is voldaan, wordt de erkenning voorlopig verlengd tot de leden van het Verenigd College een beslissing hebben genomen. Met het oog op de verlenging van de erkenning voert de administratie een controle uit van de betrokken instelling.

Het daarbij door de administratie opgestelde verslag wordt aan de instelling bezorgd, die vanaf de ontvangst ervan vijftien dagen de tijd heeft om haar opmerkingen te kennen te geven.

De aanvraag om verlenging van de erkenning wordt voorgelegd aan de Adviesraad, samen met:

  • het verslag dat werd opgesteld tijdens de voorlopige erkenning van de instelling en de eventuele opmerkingen van de instelling;
  • het erkenningsaanvraagdossier van het IBW.

Hij brengt zijn advies uit en bezorgt het aan de instelling, die over een termijn van vijftien dagen beschikt om haar opmerkingen te kennen te geven.

Het Verenigd College doet uitspraak over de aanvraag om verlenging van de erkenning. De beslissing vermeldt het aantal bedden en, in voorkomend geval, de beoogde diensten.

De aldus verlengde erkenning wordt verleend voor een periode van maximaal zes jaar, die kan worden verlengd. Zij wordt van kracht op de dag die volgt op de datum waarop de erkenning die zij verlengt, afloopt.

Intrekking van erkenning

De leden van het Verenigd College kunnen te allen tijde de erkenning van een IBW intrekken wanneer het niet meer voldoet aan de erkenningsnormen en -voorwaarden. Zij betekenen een gemotiveerd voorstel tot intrekking van de erkenning aan de beheerder van de instelling en bezorgen een afschrift aan de Adviesraad.

De beheerder beschikt over een termijn van vijftien dagen vanaf de dag van de kennisgeving om een verweerschrift in te dienen bij het secretariaat van de Adviesraad. Tegelijkertijd bezorgt hij een afschrift van zijn verweerschrift aan de leden van het Verenigd College, bevoegd voor het gezondheidsbeleid.

De Adviesraad onderzoekt het voorstel tot intrekking van de erkenning en legt zijn advies voor aan de bevoegde leden van het Verenigd College.

De beslissing tot intrekking van de erkenning wordt gemotiveerd en ter kennis gebracht van de beheerder van de instelling.

Sluiting

Tenzij de beheerder van de instelling beroep aantekent, leidt de beslissing van de leden van het Verenigd College om de erkenning te weigeren of in te trekken tot de sluiting van de betrokken bedden.

Deze beslissing heeft uitwerking vanaf de elfde dag na de kennisgeving ervan. Na deze datum mogen er geen patiënten/bewoners meer worden opgenomen in de betrokken instelling. De beheerder moet ervoor zorgen dat de opgenomen patiënten/bewoners de instelling binnen drie maanden hebben verlaten.

In geval van een vrijwillige sluiting van een instelling of een dienst deelt de beheerder deze beslissing ten minste drie maanden vóór de beoogde sluitingsdatum mee aan de leden van het Verenigd College, bevoegd voor het gezondheidsbeleid, en aan de administratie.

Relevante wetgeving: