De GGC

De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) speelt een cruciale rol in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest als het gaat om gezondheid en bijstand aan personen. De GGC ontstond in 1989 en vormt een vierde gemeenschapsentiteit, naast de Franse, de Vlaamse en de Duitstalige Gemeenschap.

De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) regelt en beheert voornamelijk de persoonsgebonden aangelegenheden (gezondheid en bijstand aan personen) in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Ze is bevoegd voor personen (de Brusselaars en al wie in Brussel gebruik maakt van de diensten en instellingen voor gezondheid en bijstand aan personen) en voor meer dan driehonderd tweetalige instellingen en diensten (ziekenhuizen, OCMW's, diensten voor zorg en opvang, enz.).

Sommige bevoegdheden hebben rechtstreeks betrekking op de burgers: kinderbijslag, de strijd tegen doping en tegen overdraagbare ziekten, jeugdbijstand, het inburgeringstraject. enz.

De GGC is ook een overlegorgaan, om te zorgen voor een zo groot mogelijke samenhang tussen het beleid van de Vlaamse en de Franse Gemeenschap in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Door de zesde staatshervorming (die in werking trad op 1 januari 2014) kreeg de GGC er belangrijke bevoegdheden bij in verband met de Brusselaars en de instellingen, centra en diensten in het gewest.

Sinds die hervorming oefenen twee instellingen de bevoegdheden van de GGC uit: de Diensten van het Verenigd College (de administratie) en Iriscare, een instelling van openbaar nut (ION). Iriscare werd opgericht in 2017 (ordonnantie van 23 maart 2017 houdende de oprichting van de bicommunautaire Dienst voor Gezondheid, Bijstand aan Personen en Gezinsbijslag) en is werkzaam sinds 1 januari 2019.

De organen van de GGC

Zoals de andere communautaire instellingen heeft de GGC een wetgevend en een uitvoerend orgaan:

  • de Verenigde Vergadering is het wetgevende orgaan. Ze bestaat uit dezelfde verkozenen als het Brussels Parlement;
  • het Verenigd College is het uitvoerende orgaan. Het is samengesteld uit vier ministers (twee Nederlandstalige en twee Franstalige) van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering (zij hebben een beslissende stem), de minister-president van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, een Brussels lid van de Franse Gemeenschapsregering en een Brussels lid van de Vlaamse Regering (zij kunnen alleen advies verlenen).

De GGC oefent haar bevoegdheden uit via ordonnanties en besluiten. Ordonnanties zijn gelijkwaardig aan wetten (het wetgevingsinstrument op federaal niveau) en decreten (het wetgevingsinstrument van het Vlaamse en Waalse Gewest en de gemeenschappen). Ordonnanties worden goedgekeurd met een absolute meerderheid van de stemmen in beide taalgroepen (de Franse en de Nederlandstalige) van de Verenigde Vergadering.

Werkgebieden

De GGC richt zich:

  • tot alle Brusselaars (Franstaligen, Nederlandstaligen en anderstaligen);
  • rechtstreeks tot burgers (voor bepaalde bevoegdheden);
  • tot de bicommunautaire instellingen voor gezondheid en bijstand aan personen (gemeenten, OCMW’s en alle privéinstellingen die door hun organisatie niet uitsluitend behoren tot de Franse of de Vlaamse Gemeenschap);
  • tot alle begunstigden van die instellingen.

Financiën en begroting

De financiële middelen van de GGC bestaan uit dotaties van de Federale Regering en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

De Verenigde Vergadering bepaalt jaarlijks haar inkomsten (de middelenbegroting) en uitgaven (de uitgavenbegroting).

De oorspronkelijke financieringsmechanismen van de GGC uit 1989 zijn aanzienlijk gewijzigd in het kader van de zesde staatshervorming. Die zorgde voor de overdracht van nieuwe bevoegdheden van de Federale Regering naar de deelentiteiten. Naast de jaarlijkse dotaties ontvangt de GGC bijgevolg extra middelen voor die nieuwe bevoegdheden. Het grootste deel betreft de kinderbijslag.